Wijzigingsbesluit minimale hoeveelheid hernieuwbare energie bij ingrijpende renovatie

Minister Ollongren laat weten dat het kabinet per 30 juni 2021 eisen vastlegt voor het opwekken van een minimale hoeveelheid hernieuwbare energie – zoals zonnepanelen of warmtepompen – bij een ingrijpende renovatie.

De verplichting vloeit voort uit de richtlijn Renewable Energy Directive II (RED II) van de Eurepese Unie waarin vastgelegd is dat lidstaten een minimale hoeveelheid hernieuwbare energie moeten voorschrijven bij ingrijpende renovatie. De verplichting gaat alleen dan gelden wanneer de verwarmings- of koelinstallatie(s) onderdeel uitmaakt van de renovatie. Op grond van deze herziene EU-richtlijn geldt voor Nederland een uiterste implementatiedatum van 30 juni 2021, de reden waarom minister Ollongren deze op die dag in werking wil laten treden.

Internetconsultatie

Op 10 december jl. werd de regeling in consultatie gebracht. De link brengt u naar de pagina waar de conceptversie van het besluit is te lezen. In een toelichting schreef minister Ollongren al dat er verschillende technische oplossingen beschikbaar zijn om aan de minimumeis voor een hoeveelheid hernieuwbare energie te voldoen. Het is aan betrokken partijen, zoals projectontwikkelaars, gebouweigenaren en architecten, om invulling te geven aan de manier waarop voldaan wordt aan de verplichting. Naast zonnepanelen, warmtepompen en zonneboilers zijn er nog meer oplossingen denkbaar. De minister hierover: ‘Het verschilt per technische oplossing en per type gebouw hoeveel de technische oplossing bijdraagt aan de hernieuwbare energie in een gebouw. Verder dient de hernieuwbare energie op grond van de NTA 8800 te worden opgewekt op het perceel om invulling te geven aan de minimumeis. Aanvullend hierop wordt ook hernieuwbare energie of restwarmte of -koude uit gebiedsmaatregelen met een directe fysieke koppeling met het gebouw, zoals een lokaal warmtenet, in deze minimumeis gewaardeerd.’

Wat is een ingrijpende renovatie

Nederland heeft bij de implementatie overigens de keuze uit 2 manieren om de definitie van ingrijpende renovatie vast te leggen.

  • een methodiek waarbij uitgegaan wordt van 25 procent van de waarde van het gebouw
  • een methodiek waarbij wordt uitgegaan van 25 procent van de oppervlakte van de gebouwschil die wordt gerenoveerd.

Nederland heeft voor de oppervlaktemethode gekozen, waardoor sprake is van ingrijpende renovatie wanneer meer dan 25 procent van de oppervlakte van de gebouwschil wordt vernieuwd, veranderd of vergroot en deze vernieuwing verandering of vergroting de integrale gebouwschil betreft. Er zullen ook renovaties zijn die niet voldoen aan deze definitie van ingrijpende renovatie, omdat de aanpassingen geen betrekking hebben op de integrale bouwschil. Voorbeelden hiervan zijn: na-isolatie van een spouwmuur, na-isolatie van enkelsteens buitenmuren aan binnen- of buitenkant, na-isolatie onder dakpannen of tegen het dakbeschot.

Bovendien geldt de verplichting voor een minimum hoeveelheid hernieuwbare energie dus alleen wanneer de verwarmings- of koelinstallatie(s) onderdeel uitmaakt van de ingrijpende renovatie. Dit, om te voorkomen dat wanneer een gebouweigenaar (minimaal) 25 procent van de gebouwschil integraal vernieuwt verplicht wordt om de installatie(s) aan te passen  Dit zou volgens de minister namelijk tot onnodig hoge kosten kunnen leiden wanneer de installatie nog een economische of technische levensduur heeft en niet hoeft te worden aangepast.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.